« Naar het blogoverzicht

Scrummen in het communicatievak: hype of nuttig?

To do, doing, done, werken in sprints en successen vieren; daar hield mijn kennis over scrum wel mee op. Gelukkig hebben we bij Future Communication de zogenoemde vakimpuls om te blijven leren. Tijdens een bijeenkomst op kantoor delen collega’s hun kennis met andere FC’ers die meer over dit onderwerp willen weten. Ik was benieuwd naar de toepasbaarheid van scrum in mijn vakgebied en dus nam ik deel aan een vakimpuls over deze methode.

Agile versus de watervalmethode

Je kunt een project natuurlijk op 1001 manieren starten, maar om het onderscheid duidelijk te maken zetten we de agile-werkwijze tegenover de klassieke watervalmethode. Bij deze laatste, en de naam zegt het al een beetje, volgen de fasen elkaar lineair op. Vooraf wordt een uitgebreid plan geschreven, waarbij het product wordt opgeleverd zoals beschreven in het plan. Erg handig als je te maken hebt met een harde deadline en een vast budget.

Koorddansen met agile

Agile werken daarentegen betekent vrij vertaald ook wel wendbaar of flexibel. Het is een mindset of een spectrum waar verschillende methoden onder vallen, zoals scrum. Waar je bij de watervalmethode lineair werkt, is scrum incrementeel en iteratief. In jip-en-janneketaal betekent dit dat je geleidelijk in stapjes naar een resultaat toewerkt. Dit resultaat staat nog niet vast en hoeft ook niet in één keer goed te zijn. Tussentijds wordt feedback gevraagd aan bijvoorbeeld de opdrachtgever, zodat je gemakkelijk bij kunt schaven waar nodig.

Scrum is 1 resultaat, 2 lijstjes, 3 rollen en 4 overlegmomenten:

• Eén resultaat
Om als team hetzelfde doel voor ogen te hebben, is het belangrijk om vooraf met elkaar de definition of done vast te stellen. Wanneer zijn we tevreden en wanneer voegen we waarde toe voor de klant? Deze stip op de horizon helpt het team om zo efficiënt mogelijk te werken. Hoe de weg naar dat doel er dan precies uitziet, ligt open.

• Twee lijstjes
Alle taken die uitgevoerd moeten worden om het doel te bereiken, worden opgeslagen in een product backlog. De product owner, ofwel de schakel tussen het scrumteam en de business, bepaalt de prioriteit van de taken. Nadat het scrumteam een inschatting heeft gemaakt van een haalbare workload, worden de taken in de sprint backlog gezet. Deze taken pakt het scrumteam tijdens de volgende sprint op.

• Drie rollen
Zoals hierboven al genoemd, vertegenwoordigt de product owner de wensen van de klant en andere stakeholders en beheert diegene de backlog. De scrum master helpt het team om succesvol te zijn en heeft een coachende en faciliterende rol. Hij of zij bewaakt het proces en zorgt dat het development team het werk goed kan doen door obstakels weg te nemen en mee te denken over een realistische workload.

• Vier overlegmomenten
Een sprint duurt meestal tussen de één en vier weken en start met een sprint planning meeting, waarin het team bepaalt welke taken in de komende sprint gedaan worden. De daily sprint helpt het team om zo efficiënt mogelijk te werken. In deze korte bijeenkomst van 15 minuten plant het team de werkzaamheden voor de dag en worden eventuele obstakels besproken. In een sprint review wordt het resultaat van de sprint met de klant gedeeld en om feedback gevraagd. Tot slot heeft de sprint retrospective als doel om de samenwerking binnen het team onder de loep te nemen. De learnings die hieruit volgen, neemt men mee naar de volgende sprint.

Scrummen: hype of nuttig

En zo loop je na afloop van een vakimpuls weer een stukje wijzer de deur uit. Eén van mijn collega’s stelde tijdens de bijeenkomst de terechte vraag hoe haalbaar deze werkwijze is. Scrum brengt namelijk binnen de organisatie ook de nodige weerstand met zich mee. De organisatie moet klaar zijn en openstaan voor deze andere manier van werken die misschien meer tijd kost, maar op den duur tot een optimaal resultaat leidt.

Ik heb zelf nog nooit in een scrumteam gewerkt, maar hoop dat zeker nog eens te doen. Voor nu neem ik bovenstaande learnings mee in mijn eigen projecten. Zo maak ik al gebruik van het to do, doing, done lijstje en tussentijdse resultaten checken bij de opdrachtgever is voor mij een vanzelfsprekendheid. Wat betreft het prioriteren van mijn werkzaamheden valt nog wel wat te winnen en daar kan ik het scrum-gedachtegoed zeker bij gebruiken.